|
Een ridder moest vechten in het leger. Hij moest het land van de koning beschermen. En de mensen die er woonden. De ridders waren het cavaleriekorps: Ze vochten te paard. Het was het belangrijkste onderdeel van het Middeleeuwse leger.
De uitrusting van een ridder was erg duur. Bijna niemand kon zo’n uitrusting betalen. Als je een soldaat was die te voet vocht, verdiende je in 30 jaar net genoeg om een goed paard te kopen. Je kunt dus wel nagaan dat het erg lang duurde voordat je genoeg geld voor een complete uitrusting had verdiend.
Maar het was meer dan dat. Een ridder had ook een bepaalde rang in de maatschappij. Hij was belangrijk! De rijke mensen wilden ook niet dat hun kind een schildknaap bleef. Dat was niet belangrijk genoeg.
|