Kelten, Germanen, Friezen, Bataven en Caninefaten

De Kelten die ongeveer 2.500 jaar geleden hier leefden, hadden al ijzeren wapens. Het materiaal hiervoor  haalden ze uit de grond. In ijzeroer, een bepaalde zandsoort, zat veel ijzer. Dat smolten de Kelten er dan uit, door het in een vuurtje te leggen.

zilveren munt gouden munt zilveren munt

  armbandjes

kleding van Kelten wapens, helm en pot

De Germanen trokken enige tijd later ook ons land binnen. De Kelten en Germanen waren boeren. Ze leefden vooral van de veeteelt en van de landbouw.

Ze waren dus afhankelijk van de natuur. En dus ook van de zon. Daarom vereerden ze de zon. Als het in december buiten donkerder werd, dachten ze, dat de zon door boze geesten was overwonnen. Ze probeerden deze boze geesten dan te verjagen door grote vuren te stoken en op trommels te slaan (flink lawaai maken). Dat doen wij eigenlijk ook nog steeds. Denk maar eens aan het vuurwerk ‘van oud in nieuw’, op de laatste dag van het jaar.

Ze hadden geleerd dat ze met de mest van de dieren het land een tijd lang vruchtbaar konden houden.

Keltische potten Keltische pot Keltisch kruis

 

In heel Europa werd oorlog gevoerd door verschillende Keltische en Germaanse stammen. De Germanen wilden de Kelten verslaan, en de Kelten de Germanen. Dan won de een, dan weer de ander. Uit Duitsland kwamen twee Germaanse stammen naar Nederland: de Bataven en de Caninefaten. Ze waren gevlucht. 

In het noorden van ons land, bouwden de Germaanse stam 'de Friezen' hun boerderijen op heuvels. Die noemen we terpen of wierden.

Kijk maar eens hierboven op het plaatje van ‘de lage landen’ (zo noemden andere volken ons land toen). Dan zie je waar de Kelten en waar de Germanen woonden. Bij Friesland en Groningen zie je de boerderijen op de terpen staan.